Wat groeit er langs de Vaart?

Vandaag over spurrie en wat anders. Spurrie (Spergula arvensis) staat ook langs onze gezichtsbepalende Vaart.
Spergula komt van het Latijnse spargere wat ‘uitstrooien’ betekent, de planten strooien gemakkelijk hun zaden uit. Arvensis betekent op akkers groeiend, het wordt ook wel akkerspurrie genoemd. Verrassend is dat spurrie een van de weinige inheemse landbouwgewassen is (geweest). Het groeit uitstekend op arme zand- en hoogveengrond.

Sinds de prehistorie wordt spurrie hier als voedselplant gebruikt, vroeger voor de mens, nu soms nog als veevoer. Even wat anders, een sterk verhaal: de zaden kunnen duizenden jaren hun kiemkracht behouden. Zaden die gevonden werden bij het opgraven van Deense nederzettingen uit de ijzertijd bleken nog steeds te kunnen kiemen. Dat noem ik niet gewoon meer. Rond 1900 werd er in Nederland 3600 ha als stoppelgewas verbouwd, vaak na rogge. Nog wat anders: Ik geef vaak af op glyfosaat (= roundup) en andere landbouwgiffen. Los van het feit dat sommigen zich misschien storen aan de ‘ongemakkelijke feiten’ (waaronder mijn vrouw), ben ik er echt niet op uit iemand voor het hoofd te stoten.

De Nederlandse boer behoort tot de meest productieve ter wereld en de meeste boeren proberen het gebruik van landbouwgif te beperken. Wat ik geloof is dat middelen als o.a. glyfosaat en neonicotinoiden op de lange duur geen toekomst hebben. De trend is duidelijk: deze middelen komen steeds negatiever in het nieuws. Aardbeien waarop 7 landbouwgiffen (sic!) zitten laat de consument uiteindelijk toch liggen. De maatregelen om resten van landbouwgiffen in ons voedsel, drinkwater en de bodem te weren zullen alleen maar stringenter worden. De Europese Unie heeft nu wel weer – met de kleinst mogelijk meerderheid door eigengereid optreden van een Duitse minister (die daarvoor berispt is en ik hoop dat het hem zijn kop kost) – het middel toegelaten voor ‘slechts’ 5 jaar.  Ondanks verwoede pogingen van de industrie: kosten noch moeite werden gespaard om het door de strot van parlementariërs te krijgen. Ten langen leste zullen omwille van de gezondheid van burgers deze middelen uit voorzorg verboden moeten worden.

Het is al met al ook in het belang van boeren uit te zien naar alternatieven zoals mechanische onkruidbestrijding en biologische gewasbescherming. Mijn tip: begin er morgen aan. Liever nog vandaag! Alleen dan kan de vooraanstaande positie behouden blijven. De balans tussen landbouw en natuur is nu nog zoek: landbouw en veeteelt moeten natuurinclusief worden. Dat ook boeren zich dit realiseren mag blijken uit de oprichting van de organisatie Agrarische Natuur Drenthe. Die streeft naar optimalisering van de balans tussen landbouw en natuur. Kortom: ik wens boeren echt alle succes met het realiseren van landbouw en veeteelt met veel oog voor de natuur. Ik heb er vertrouwen in dat dit de gaat lukken als zal het wellicht niet zonder gesteun en gekreun gebeuren. Ik hoop dat het mij in tussen niet al te kwalijk genomen wordt dat ik zo af en toe een ‘duwtje’ met wat ongemakkelijke feiten geef. En zeg nou zelf, wie zit te wachten op ‘gemakkelijke feiten’?

Vragen en reacties kunt u mailen aan duurzaambovensmilde@gmail.com

Aanbevolen artikelen