Wat groeit er langs de vaart?

By:

De zwavelzwam (Laetiporus sulphureus) is een zwam uit de familie Fomitopsidaceae. Sulphureus betekent zwavelgeel. Laetiporus “met aangename poriën”: de zwavelzwam is een zogenaamde buisjeszwam en een van de kleurrijkste onder deze zwammen. Het is een parasitaire zwam die onder andere op eiken groeit.

Het is een heldergele tot baksteenrode zwam, die met name oude eikenbomen aanvalt in de zomer en vroege herfst. De zwam groeit ook op ander loofhout zoals wilg, tamme kastanje (deze zijn favoriet bij lekkerbekken vanwege de geringe bitterheid), op eucalyptusbomen en taxus. De zwam komt over de hele wereld voor. Wanneer een boom wordt aangevallen door de zwam, ontstaat rode rot, een schimmel waardoor het harthout van de boom krimpt en bovendien roodachtig bruin verkleurt. De zwavelzwam verteert de cellulose van de boom.

De stam van de boom wordt langzamerhand steeds verder uitgehold. Het spinthout wordt niet aangetast waardoor de conditie van de boom niet echt achteruit gaat. Door rot van het kernhout ontstaat er wel een verhoogde kans op takbreuk. Snoeien is het enige wat helpt. De vruchtlichamen van de zwavelzwam verschijnen niet elk jaar. Het vruchtlichaam – dat grotendeels bestaat uit buisjes, ook wel polyporen waar de sporen door verspreid worden– kan wel 10 kilogram zwaar worden. Hoe ouder het vruchtlichaam hoe brosser. Het vlees van de jonge zwam is wit en sappig, oude exemplaren kunnen echter erg taai zijn. Soorten op naaldhout zoals taxus kunnen niet gegeten worden: er hoopt zich gif in op van de taxus. In het Engels heet de zwavelzwam Chicken of the woods, in goed Nederlands vertaald ‘boskip’. De textuur en smaak van de jonge zwam doen inderdaad aan kip denken. Sommigen zijn  allergisch voor de paddenstoel. Pas op en proef eerst een klein stukje. Zit u om een recept verlegen voor ‘boskip’? Vraag gerust het recept op via duurzaambovensmilde@gmail.com.


Comments are closed.